Vliegveld Ockenburg

De moffen te slim af
Dhr. W.G.L.M. van Boheemen
uit: LENS Blauwboek

De Tweede Wereldoorlog heeft natuurlijk ook sporen getrokken door het sportleven. Tal van verenigingen, ook LENS, moesten toezien hoe spelers het klubtenue verruilden voor verplichte militaire uitrusting. Anderen verdwenen in werkkampen of gevangenissen. Toen in mei 1945 de balans werd opgemaakt, bleken ook LENSleden het oorlogsgeweld of de Hongerwinter niet overleefd te hebben. In het Zuiderpark en op Ockenburgh herinnerde een gedenkplaat aan het verlies van fijne klubleden. Bij de overlevenden kwamen in die tijd vele verhalen los. In de LENSarchieven is één prachtig verhaal bewaard gebleven, omdat de toenmalige penningmeester, Wim van Boheemen, zo verstandig was om het aan het papier toe te vertrouwen in de vorm van een ,,VERKLARING" over hoe LENS in de persoon van Wim van Boheemen bij het begin van de Tweede Wereldoorlog de ,,Moffen" een loer wist te draaien. Vanwege het oorspronkelijke karakter laten we die Verklaring hieronder onverkort volgen:

's-Gravenhage, 4 september 1948.
VERKLARING
In september 1939 bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werd het Sportpark Ockenburgh plotseling door de Nederlandse Militaire Autoriteiten gevorderd. De terreinafrasteringen, doelschotten, doelpalen, enz. werden met tractoren uit de grond getrokken; het sportpark werd tot vliegveld ingericht. De gedupeerde verenigingen konden hun bezittingen weghalen, terwijl de afrasteringpaaltjes in de tuin van de portierswoning werden opgeborgen. Toen in mei 1940 de oorlog ook over ons land kwam en na enkele dagen de Duitse bezetting een feit was, nam deze ook het sportpark in bezit. De verschillende verenigingen zaten zonder terrein. Met medewerking van de ,,Stichting" (die het beheer van het sportpark regelde) en de Gemeente- plantsoenen kreeg Lenig en Snel de beschikking over de velden bestemd voor het werklozenvoetbal in het Zuiderpark. Aangezien ook de vereniging Tourboys hiervan gebruik maakte en Lenig en Snel wegens haar groot aantal elftallen over 2 terreinen moest kunnen beschikken, werd de mogelijkheid onder ogen gezien op de beschikbare ruimte 3 velden te projecteren. Een deskundige, lid van Lenig en Snel, die de leiding had bij de werkzaamheden van de opbouw van kleedgelegenheid enz. bracht deze projectie tot stand, waartoe enkele bomen en struiken moesten worden gerooid. Dit laatste werd door Plantsoenen uitgevoerd. Zeer grote kosten heeft Lenig en Snel moeten maken, teneinde de terreinen in bespeelbare staat te brengen, afgezien van de grote kosten verbonden aan de bouw van een kleedgelegenheid. Door de Stichting werd hieraan niets ten koste gelegd. Ter afrastering van de velden was geen materiaal beschikbaar, hetgeen aanleiding werd te trachten dit materiaal vrij te krijgen uit de handen van de moffen, die dit op Ockenburgh onder hun berusting hadden. Daar volgens mededeling van de toenmalige Inspecteur der Stichting, de heer Driescher, de Gemeente zich niet officieel met de moffen wenste in te laten en bovendien de mogelijkheid klein moest worden geacht, dat zij deze eigendommen uit hun handen zouden kunnen losmaken - zij konden immers alles gebruiken - werd naar een oplossing gezocht, welke meer kans van slagen zou bieden. Lenig en Snel zou trachten met een machtiging van het gemeentebestuur de afrastering benodigd voor haar velden vrij te krijgen, voorgevende dat een en ander haar eigendom was. Ondergetekende vroeg een onderhoud aan met de Ortskommandant, Ritmeister Dallüge, die bereid bleek zijn medewerking te verlenen. Persoonlijk ging hij met ondergetekende naar Ockenburgh. Hier bleek echter, dat de commandant van het vliegveld geen toestemming kon verlenen tot het afvoeren der materialen. Deze vergunning moest worden afgegeven door de commandant van de Luftgau Holland, Hauptmann Siebert, die zijn kwartier had op de Flugplatz Ipenburg.

Ondergetekende vervoegde zich aldaar en ontving na heel veel praten een machtiging, welke nog in zijn bezit is, luidende als volgt:


Met dit papier gewapend heeft Lenig en Snel voor haar rekening de voor de afrastering van 2 velden benodigde materialen weggehaald. In overleg met de heer Driescher is toen van de gelegenheid gebruik gemaakt alles weg te halen. Het materiaal werd opgeslagen in het Zuiderpark bij het LenS terrein. Voor de Stichting werden volgens een schriftelijke opgave van de heer Driescher 990 paaltjes met toebehoren weggehaald. Deze opgave is in het bezit van ondergetekende.

De door de Duitsers van hem geëiste opgave der afgevoerde materialen is door hem nimmer verstrekt, aangezien hieruit moeilijkheden hadden kunnen voort vloeien, omdat, in afwijking van het in de machtiging gestelde, alles was meegenomen. Als vergoeding voor de door Lenig en Snel gemaakte kosten en uit waardering voor het veiligstellen van het gemeentelijke bezit, hetwelk anders zeer zeker verloren was geweest, kreeg Lenig en Snel de vrije beschikking over haar afrastering. Hoewel een en ander waarschijnlijk niet schriftelijk is vastgelegd, was dit een gentleman-agreement tussen de heer Driescher namens de Stichting en het Bestuur van Lenig en Snel.

Niets omtrent deze gehele aangelegenheid werd schriftelijk behandeld, aangezien de grootste spoed geboden was. Alles is mondeling met de heer Driescher geregeld. Er moest met de grootste doortastendheid gehandeld worden toen eenmaal de vergunning om het sportpark te betreden was verkregen, teneinde te voorkomen, dat de werkzaamheden halverwege zouden moeten worden beëindigd, indien de Duitsers tegen het afvoeren van de meer dan 1000 paaltjes bezwaren zouden gaan maken.

De heer Driescher zal zich deze gang van zaken zeker herinneren en bevestigen. Voor de juistheid van deze verklaring staat ondergetekende volledig in.

w.g. W.G.L.M. van Boheemen.

This site was last modified on 22/10/2018 at 15:00. (c) Vliegveld-Ockenburg 2001-2018